
Waarom het uitstellen een risico is
Veel ondernemers investeren hun geld liever in hun bedrijf dan in een pensioenregeling. Dat is begrijpelijk: het bedrijf levert vaak meer rendement op, en het geld blijft beschikbaar. Maar wie al zijn vermogen in het bedrijf houdt, zet alles op één kaart. Als het bedrijf later minder waard blijkt, moeilijk verkoopbaar is of door omstandigheden moet stoppen, blijft er weinig over. Een pensioen dat op meerdere pijlers rust, is veel robuuster.
Pijler 1: de AOW
Iedereen die in Nederland heeft gewoond of gewerkt, bouwt AOW op. Dat is een basisuitkering vanaf de AOW-leeftijd. Voor de meeste ondernemers is de AOW alleen niet genoeg om hun levensstijl voort te zetten. Zie het als een bodem, niet als volledige voorziening.
Pijler 2: lijfrente
Een lijfrente is een fiscaal gefaciliteerde manier om pensioen op te bouwen. Je stort in een lijfrenteverzekering, -spaarrekening of -beleggingsrekening, en die inleg mag je onder voorwaarden aftrekken van je inkomen. Hoeveel je mag aftrekken, hangt af van je jaarruimte, die wordt berekend op basis van je inkomen. Niet gebruikte ruimte uit eerdere jaren kun je soms nog benutten via de reserveringsruimte. Later wordt de uitkering belast, vaak tegen een lager tarief dan tijdens je werkzame leven.
Het voordeel is het belastinguitstel en de discipline: het geld staat vast voor je pensioen. Het nadeel is dat je er niet vrij over kunt beschikken. Bekijk daarom welk deel van je vermogen je in een lijfrente wilt vastleggen, en welk deel flexibel moet blijven.
Pijler 3: je bedrijf
Voor veel ondernemers is het bedrijf de grootste bron van toekomstig inkomen, via de verkoop of via vermogen dat in de bv is opgebouwd. Heb je een bv, dan kun je winst in de bv laten en daar beleggen. Bij het opnemen betaal je belasting in box 2. Sinds 2017 kun je als directeur-grootaandeelhouder geen nieuw pensioen in eigen beheer meer opbouwen; wie dat nog had, heeft destijds een keuze moeten maken over de bestaande opbouw.
Reken je bedrijf als pensioenpijler realistisch mee. Laat het periodiek waarderen, en houd rekening met de belasting bij verkoop. Werk daarnaast aan de verkoopbaarheid: een bedrijf dat zonder jou kan draaien, is meer waard en makkelijker over te dragen.
Pijler 4: overig vermogen
Daarnaast bouwen veel ondernemers vermogen op buiten het bedrijf: een afgeloste woning, vastgoed, beleggingen of spaargeld in box 3. Dat vermogen is flexibel, maar wordt jaarlijks belast. Het heeft als voordeel dat je erover kunt beschikken wanneer je wilt, bijvoorbeeld als buffer of om eerder te stoppen.
Begin bij je behoefte
Hoeveel heb je nodig als je stopt met werken? Kijk naar je huidige uitgaven, en naar wat er verandert: is de hypotheek dan afgelost, wil je meer reizen, of wil je je kinderen helpen? Zet daar je verwachte inkomen uit AOW, lijfrente, bedrijf en vermogen tegenover. Het verschil laat zien of je op koers ligt, of dat je meer moet opbouwen.
Arbeidsongeschiktheid niet vergeten
Pensioen gaat over later, maar wat als je eerder uitvalt? Werknemers zijn verzekerd voor arbeidsongeschiktheid, ondernemers vaak niet. Een arbeidsongeschiktheidsverzekering of een voldoende buffer is daarom een belangrijk onderdeel van je financiële planning. Zonder inkomen kun je immers ook geen pensioen opbouwen, en moet je mogelijk vermogen aanspreken dat voor later bedoeld was.
Een voorbeeld
Een ondernemer van vijfenveertig met een bv had al zijn vermogen in het bedrijf zitten en rekende op de verkoop. Bij een doorrekening bleek dat hij bij een tegenvallende verkoop een flink tekort zou hebben. Hij besloot jaarlijks een deel van zijn jaarruimte te benutten voor een lijfrente, een deel van de winst in de bv te beleggen in een gespreide portefeuille, en tegelijk te werken aan de verkoopbaarheid van het bedrijf. Zo rust zijn pensioen nu op drie pijlers in plaats van één.
Jaarlijks doorrekenen
Pensioenplanning is geen eenmalige actie. Je inkomen verandert, de waarde van je bedrijf ook, en de fiscale regels worden regelmatig aangepast. Reken daarom elk jaar door of je nog op koers ligt, bij voorkeur tegelijk met je jaarcijfers en je aangifte. Dan kun je direct je jaarruimte benutten en bijsturen waar dat nodig is.
Betrek ook je partner bij de planning. Een pensioen is vaak een gezamenlijke zaak, en keuzes over sparen, beleggen en de toekomst van het bedrijf raken jullie allebei. Denk daarbij ook aan wat er gebeurt als een van jullie overlijdt: is er voldoende geregeld voor de achterblijvende partner?
Wie op tijd begint, heeft het voordeel van de tijd: kleine bedragen die jarenlang renderen, groeien uit tot een substantieel vermogen. Wie pas op zijn zestigste begint, moet veel grotere bedragen opzijzetten om hetzelfde te bereiken. Elk jaar uitstel maakt de opgave dus groter.
Veelgestelde vragen
Moet ik als ondernemer pensioen opbouwen?
Er is geen verplichting, maar de AOW alleen is voor de meeste ondernemers niet genoeg. Wie niets regelt, is later volledig afhankelijk van de waarde van zijn bedrijf.
Wat is de jaarruimte?
Het bedrag dat je per jaar fiscaal aftrekbaar mag inleggen in een lijfrente. Het wordt berekend op basis van je inkomen en eventuele andere pensioenopbouw.
Kan ik nog pensioen in eigen beheer opbouwen?
Nee. Sinds 2017 is nieuwe opbouw van pensioen in eigen beheer niet meer mogelijk voor directeuren-grootaandeelhouders.
Is mijn bedrijf een goed pensioen?
Het kan een belangrijke pijler zijn, maar het is riskant om er volledig op te vertrouwen. Spreid daarom over meerdere pijlers.
Hoe vaak moet ik mijn pensioenplanning herzien?
Jaarlijks, bij voorkeur samen met je jaarcijfers en aangifte, zodat je je jaarruimte kunt benutten en kunt bijsturen.



